Driving the Dragon.
Of we het willen of niet, in de automobielindustrie is de energietransitie in volle gang en ze lijkt zo te zien onomkeerbaar.
Maar naast de overgang van ICE naar EV, is er ook nog de opkomst van de Chinese autoconstructeurs die hun waar wat al te graag willen exporteren.
Het is maar de vraag of onze politiekers en de groene beweging de impact op onze industrie en economie kunnen inschatten.
Ondertussen geven pro en contra van de transitie er elkaar van langs op de sociale media. Het is een splijtzwam die aanleiding geeft tot de meest gekke beweringen, beide partijen houden immers blind vast aan hun overtuiging.
Het lezen van dit boek zal alvast helpen om heel wat vooringenomen meningen te temperen.
Auteur Mark Andrews beschrijft hoe hij eigenlijk toevallig aan de slag ging als autojournalist in China. Nadat hij daar eerder tal van jobs had uitgeoefend, begon hij contact te zoeken met de Chinese autowereld. Aanvankelijk werden zijn artikels enkel in een blad in Hong Kong opgenomen of in een lokaal Chinees-Engels tijdschrift. Een andere barrière was het feit dat hij (nog) geen Chinees rijbewijs bezat, waardoor hij aanvankelijk enkel op een fabrieksterrein of een afgesloten circuit kon testrijden. Zijn kennis van auto’s en van de Chinese constructeurs groeide en ook buitenlandse publicaties aanvaardden tenslotte zijn artikels.
Kortom, in dit boek beschrijft hij zijn persoonlijke ervaringen op een zeldzaam open wijze.
Zijn eerste contacten verliepen gelijktijdig met de initiële samenwerking tussen Chinese constructeurs en Westerse bedrijven. Zo illustreert hij hoe de lokale producenten de motoren inkochten bij constructeurs zoals Mitsubishi en hun modellen van ‘bedenkelijke’ vormgeving genoten. Ook hun aanpak naar de buitenwereld was niet echt professioneel, van een echte Press Office hadden de meeste merken nog geen kaas gegeten.
Het boek start met de geschiedenis van de auto in China en vertelt de eerste (en schuchtere… ) stappen van merken zoals Landwind en Brilliance. Andrews beschrijft de voor- en de nadelen van de joint ventures met buitenlandse merken, hoe de Chinezen steeds voor de helft eignaar van een fabriek zijn, maar ook hoe de samenwerking de Chinese merken uiteindelijk belet heeft om zelfstandig auto’s te ontwikkelen. De vele merken met hun ingewikkelde model- en naamstructuur worden belicht, zodat de lezer langzaam zicht krijgt op de manier waarop de Chinese auto-industrie is georganiseerd. In de laatste hoofdstukken wordt ook duidelijk dat spelers zoals BYD een opmerkelijke voorsprong ontwikkelen op de Westerse producenten! Kortom, een boek dat je zeker moet gelezen hebben als je verstandig wil meepraten over de Chinese auto!
Auteur: M. Andrews. Taal: Engels.
ISBN: 978-1-836-444033-8. 15 x 21 cm. 224 blz
Uitgever: Veloce UK. veloce.uk.com
Squadra Abarth en Rally Collection.
Onlangs werd het prachtige Abarth museum geopend in Lier, waar de uitgebreide collectie van Guy Moerenhout wordt tentoon gesteld.
Bij het project van Guy en de mooie autoverzameling hoort uiteraard wat uitleg en dat krijg je volop in dit boek.
Na een introductie over het doel van het museum, de figuur Moerenhout en de geschiedenis van Abarth, worden twintig auto’s uit de collectie onder de loep genomen. Vervolgens krijg je een korte beschrijving van tachtig andere wagens in de tentoonstelling.
Een toffe uitgave met mooie foto’s en een verzorgde lay-out!
Auteur: C. De Candia e.a. Talen: Nederlands/Frans of Italiaans/Engels.
22 x 30 cm. 144 blz.
Uitgever: Squadra Abarth & Rally Collection. squadra.be
Mercedes-Benz W124. Der Weg zur E-Klasse.
De W124 reeks is een monument binnen de Mercedes-Benz geschiedenis, ook al werd het type in het begin geplaagd door typische kwalen zoals het Bonanza-effect en roestvorming.
Het boek start met de korte geschiedenis van de E-Klasse en zijn voorlopers, om daarna de ontwikkelingsfase van de W124 te belichten. Daarbij gaat natuurlijk ook aandacht naar het designwerk van Bruno Sacco. In de volgende hoofdstukken komt de techniek aan bod en worden de verschillende modelvarianten (coupé, cabrio, T enz.) besproken.
Het boek sluit af met nuttige tabellen omtrent de verschillende uitvoeringen en de technische gegevens.
Auteurs: S. Commertz/ H. Hofner/ T. Zoporowski. Taal duits.
ISBN: 978-3-95843-996-2. 25 x 29 cm. 310 blz.
Uitgever: Heel Verlag, Königswinter (D). heel-verlag.de
High-Tech Diesel von Volkswagen.
Zoals de ondertitel verraadt, loopt het overzicht van de ‘Wirbelkammer’ dieselmotoren tot de Pumpe-Düse TDI. Met andere woorden de typische VW ontwerpen.
De auteurs starten hun boek met een korte verwijzing naar de eerste dieselmotoren in personenwagens: de Tartrais-Peugeot en uiteraard de Mercedes-Benz 260. Maar ook de voor KdF (eerste benaming voor de VW Kever) werd blijkbaar een Diesel krachtbron bestudeerd, getuige een tweecilinder, tweetakt 180° V- dieselmotor uit 1944 die het codenummer Porsche Typ 309 draagt. Zelfs na de oorlog liep een project voor een ‘verdieselde’ VW Kever motor, maar het werd door VW baas Nordhoff gestopt.
Uiteindelijk werd het idee voor een Dieselmotor bij VW terug opgepikt als gevolg van de oliecrisis en de onstabiele bevoorradingen.
Het resultaat zou leiden tot een van de eerste zogenaamde ‘Schnelläufer’ Diesels, de baanbrekende 1,5 Liter Golf Diesel.
Daarop volgden tal van studies, die de auteurs in verschillende hoofdstukken beschrijven. Dat leidt ons uiteindelijk tot de DI en TDI motoren met Pumpe Düse techniek, waar Ferdinand Piëch terecht trots op was. Deze techniek moest het uiteindelijk afleggen tegen het door Fiat ontwikkelde ‘common rail’ systeem, dat dan weer superieur was op verschillende domeinen.
Het boek sluit af met VW’s Diesel avonturen in races en rekordpogingen.
Het is een prachtig boek geworden, dat tevens hulde brengt aan de knappe VW ingenieurs die de Diesel techniek tot ongekende hoogtes brachten.
Een bewijs temeer dat de Diesel onterecht door de groene beweging naar het verdomhoekje werd verwezen. Tragisch ook, dat het net VW is die dit succesverhaal door zijn sjoemelpraktijken verknald heeft.
Auteurs: M. Willmann/ E. Kittler. Taal: Duits.
ISBN: 978-3-613-04678-8. 22 x 29 cm. 255 blz.
Uitgever: Motorbuch Verlag Stuttgart (D). motorbuch.de
L’Auto-Journal Salon 2026.
Naar goede gewoonte ligt ook dit jaar het Salon-nummer van het Franse ‘Auto-Journal’ in de rekken van de krantenwinkel.
De uitgave is al goed bekend en je vindt er info over alle types en merken, daarbij is de index op pagina 6 bijzonder handig.
Het is weer een goed gevulde cataloog geworden, die na het wegvallen van het Salon nummer van het Zwitserse Automobil Revue nog kostbaarder geworden is…
Redacteur: J-E. Raoul. Taal: Frans.
ISSN 0005-0768. 22 x 29 cm. 402 blz.
Uitgever: Eras Axel springer. autojournal.fr
Op de antiquarische boekenplank:
Classic Supercharged Sports Cars.
De ons welbekende techniek van de turbocharger voor personenwagens werd begin de jaren zestig voor het eerst geïntroduceerd bij GM.
Lang voor de ‘turbo’ hadden de ingenieurs echter al een andere weg gevonden om het vermogen van een motor te verhogen.
De volumetrische compressor werd door Fiat voor het eerst ingezet op wedstrijdwagens in 1923 en vanaf het begin der jaren dertig werd het systeem gebruikt bij verschillende dure merken.
In dit boek uit 1984 presenteert auteur Perkins ons enkele voorbeelden van wagens met compressor uit Frankrijk (Bugatti), Duitsland (Mercedes-Benz), Italië (Alfa Romeo), USA (Duesenberg) en Engeland (Squire).
Het boek bevat geen tabellen met technische data, maar moet gezien worden als bloemlezing van enkele bekende merken die de compressor met succes gebruikten om mee te dingen in de race naar meer pk’s.
Auteur: J. Perkins. Taal: Engels.
ISBN: 978-0-9612268-0-3. 22 c 30 cm. 104 blz.
Uitgever: Paradise Press Corte Madera ,California.
Teks ten foto’s: Vincent Arpons.






